Nokia N76 - Video-instellingen

background image

Video-instellingen

U kunt twee soorten instellingen gebruiken voor
de videorecorder:

Videoconfig.

en begininstellingen.

Zie ’Beeldinstellingen - kleur en belichting’ op pag. 37
voor meer informatie over het aanpassen van de
instellingen voor

Videoconfig.

. Als u de camera sluit,

worden de standaardinstellingen voor video's weer
hersteld, terwijl de begininstellingen gehandhaafd blijven
totdat u deze weer wijzigt. Selecteer

Opties

>

Instellingen

als u de begininstellingen wilt wijzigen. Maak vervolgens
een keuze uit de volgende opties:

background image

Camera

42

Videokwaliteit

- Stel de kwaliteit van de videoclip in

op

Hoog

(beste kwaliteit voor lange-termijngebruik of

voor afspelen op een compatibele tv of pc en handset),

Normaal

(standaardkwaliteit voor afspelen via uw

handset), of

Delen

(videoclip van beperkte omvang om

in een multimediabericht te verzenden). Als u de video
op een compatibele tv of pc wilt bekijken, kiest u

Hoog

,

met QVGA-resolutie (320 x 240) en de bestandsindeling
.mp4. Selecteer

Delen

(QCIF-resolutie, bestandsindeling

.3GP) als u de videoclip via MMS wilt verzenden.
Een videoclip die is opgenomen met

Delen

, kan maximaal

300 KB groot zijn (een lengte van ongeveer 20 seconden).
U kunt deze dan eenvoudig als multimediabericht
verzenden naar een compatibel apparaat.

Geluidsopname

- Selecteer

Dempen

als u geen geluid wilt

opnemen.

Toevoegen aan album

- Selecteer of u de opgenomen

videoclip wilt toevoegen aan een bepaald album in

Galerij

.

Selecteer

Ja

als u een lijst met beschikbare albums wilt

openen.

Opgenomen video tonen

- Selecteer of u het eerste beeld

van de opgenomen videoclip wilt weergeven zodra de
opname is voltooid. Selecteer

Afspelen

in de actieve

werkbalk (hoofdcamera) of

Opties

>

Afspelen

(tweede camera) als u de videoclip wilt bekijken.

Standaardnaam video

- Geef de standaardnaam voor

de vastgelegde videoclips op.

Gebruikt geheugen

- Geef de standaard-geheugenopslag

op: apparaatgeheugen of geheugenkaart (indien
geplaatst).

Instellingen herstellen

- Selecteer

Ja

als u de camera

weer wilt instellen op de standaardwaarden.